blog 2 Maurice van 't Bossche
Klassieke muziek saai? Kom nou! Scholl zingt de sterren van de hemel.
Enerzijds, anderzijds. Van de ene kant, van de andere kant. Wit en zwart. Dat waren de gevoelens die door het hoofd speelden vóórdat ik de Rabobank Grote Zaal op 11 januari betrad. Wat moet een man nou toch met een vrouwenstem? Tijden van al dan niet noodgedwongen castraties liggen ver achter ons. We hebben toch meer dan genoeg vrouwelijke alt-mezzo’s? Aria’s gezongen door Ferrier, Horne, Cooijmans en Bartoli passeren het luidsprekerloze oor. Waarom zoveel aandacht voor de Duitser Andreas Scholl, die zich de avond tevoren bij Pauw en Witteman voorstelde? En iedereen voor zich innam. Niet alleen vanwege dat Bernardiaanse Nederlands, maar vanwege zijn verhaal-o-zo-naturel. En ook nog eens door en door integer. Mijn aanvankelijke tegenzin smolt. Echter, gerust was ik nog steeds niet. ‘Shield of Harmony, zo heette het programma.
De zaal. Een decor, eenvoudig, maar toch. Geen vleugel dus met een ertegenaan hangende solist. Het wordt een verhaalachtig iets, een scenische miniopera, zo lijkt het. Dat blijkt overigens ook uit het digitaal te plukken info. Het ging om een voorloper van Don Juan of Casanova. Een laat-veertiende eeuwse artiest, luisterend naar de ietwat bombastische naam Oswald von Wolkenstein. Zou het een gefingeerde naam zijn? De man schreef geschiedenis door een groot aantal gedichten die later getoonzet werden. In totaal zes mensen bevolkten het toneel. Vijf muzikanten met soms ongekende instrumenten en één spreker, een acteur die de boel aan mekaar praatte waarna Andreas Scholl zijn inleiding graag en overtuigend muzikaal overnam. De toevoeging van lichtbeelden maakte het tot een eigentijds geheel zonder dat gedoe van ‘het moet zo nodig’.
Je houdt van opera of niet, je vindt die hoofse teksten overdreven klinken in onze met-alles-verwende zintuigen, of niet. Maar saai? Nee, zeker niet! Deze Scholl zingt zo muzikaal en loepzuiver, heeft een dermate grote toneelpersoonlijkheid met dito uitstraling, speelt zo interactief met de zaal, dat zijn voordracht ronduit verbluffend was. Elk ander superlatief is toegestaan. Maar wennen aan die stem? Poeh, moeilijk! Dat wordt nog veelvuldig luisteren, maar gelukkig breekt over een paar maanden de passiegekte weer los en dat zijn topdagen voor countertenors als Andres Scholl. Op weg naar huis weerklinkt Freddy Mercury door de boxen. Was dat er soms ook eentje? Gek, maar van hem vind ik het normaal klinken. O la la.....
Maurice van’t Bossche